
De Algemene Administratie van de Fiscaliteit – Belasting over de toegevoegde waarde publiceerde op 09/03/2026 de Circulaire 2026/C/36 betreffende het btw-tarief voor fytofarmaceutische producten.
Inhoudstafel
1. Inleiding
2. Wat wijzigt er?
2.1. Opheffing van rubriek III van tabel B van het koninklijk besluit nr. 20
2.2. Mengsels van fytofarmaceutische producten en meststoffen
3. Welke bestrijdingsmiddelen waren reeds vóór 01.03.2026 onderworpen aan het normaal btw-tarief?
4. Vanaf wanneer is deze maatregel van toepassing?
Het koninklijk besluit van 14.02.2026 (Belgisch Staatsblad van 23.02.2026) concretiseert de regeringsmaatregelen op het gebied van de btw in het kader van haar meerjarig begrotingsakkoord.
Een van deze maatregelen inzake btw betreft een de verhoging van het btw-tarief voor de levering van fytofarmaceutische producten (zie artikelen 1 en 3 van het voormeld koninklijk besluit).
Artikel 3 van het voormeld koninklijk besluit heft rubriek III 'Fytofarmacie' van tabel B van de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 20 van 20.07.1970 inzake btw-tarieven op.
De in rubriek III, van tabel B van voormeld koninklijk besluit nr. 20 bedoelde bestrijdingsmiddelen ) vallen sinds 21.05.1994 onder de regelgeving van het koninklijk besluit van 28.02.1994 betreffende het bewaren, het op de markt brengen en het gebruiken van bestrijdingsmiddelen voor landbouwkundig gebruik (Belgisch Staatsblad van 11.05.1994). De bestrijdingsmiddelen die voorheen het btw-tarief van 12 % genoten zijn bestrijdingsmiddelen voor landbouwkundig gebruik (zijnde gewasbeschermingsmiddelen die specifiek worden specifiek ingezet voor het beschermen van landbouw-, tuinbouw- en bosbouwgewassen tegen ziekten, plagen en onkruid (zoals fungiciden, herbiciden)) die, in uitvoering van het voormelde koninklijk besluit van 28.02.1994:
- ofwel zijn erkend
- ofwel in een andere lidstaat zijn toegelaten en in België zijn toegelaten voor 'parallelle invoer'.
Wat de erkenningen van bestrijdingsmiddelen voor landbouwkundig gebruik en de toelatingen voor de parallelle invoer van deze producten betreft, wordt verwezen naar de door de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu ontwikkelde website Fytoweb https://fytoweb.be/nl.
Deze tariefverhoging past in het streven op Europees niveau om op termijn de mogelijkheid voor lidstaten om nog een verlaagd btw-tarief toe te passen op chemische bestrijdingsmiddelen af te schaffen (zie in dat verband artikel 105 bis, lid 4, van Richtlijn 2006/112/EG.
Artikel 1 van voormeld koninklijk besluit van 14.02.2026 vormt een technische maatregel die past binnen de verhoging van het btw-tarief dat van toepassing is op de levering van fytofarmaceutische producten (zie artikel 3 van dit besluit).
De circulaire 2018/C/32 van 08.03.2018 met betrekking tot het btw-tarief van toepassing op meststoffen (die in principe onderworpen zijn aan het tarief van 6 % op basis van rubriek XII, punt 8 van tabel A van de bijlage bij voormeld koninklijk besluit nr. 20) bepaalt in punt 3.2. dat, wanneer bepaalde producten bestaan uit mengsels van fytofarmaceutische producten voor landbouwkundig-gebruik en meststoffen (bijvoorbeeld een herbicide geïntegreerd in een gazonmeststof), daarop het btw-tarief van 12 % (van toepassing op fytofarmaceutische producten krachtens rubriek III van tabel B van de bijlage bij het voormeld koninklijk besluit nr. 20) van toepassing is sinds 01.04.2018. Deze benadering wordt gerechtvaardigd door het feit dat deze producten voornamelijk worden geleverd omwille van hun fytofarmaceutische eigenschappen.
Zoals verduidelijkt in de circulaire 2025/C/22 van 24.04.2025, gaat het bijvoorbeeld om een biostimulant die onder de regelgeving inzake 'fytofarmaceutische producten' valt en waarvan de aanvraag tot afwijking als 'meststof' wordt geweigerd, omdat het gaat om een meststof die behandeld is met een fytofarmaceutisch product. Ter zake wordt verwezen naar de door de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu ontwikkelde website Fytoweb https://fytoweb.be/nl/bemestingsproducten.
Er wordt van de gelegenheid gebruik gemaakt om dergelijke gevallen voortaan expliciet in de regelgeving te verankeren in het kader van de huidige verhoging van het btw-tarief voor de levering van fytofarmaceutische producten.
Concreet vervangt artikel 1 van voormeld koninklijk besluit van 14.02.2026 rubriek XII, 8, van tabel A van de bijlage bij het voormeld koninklijk besluit nr. 20, en bepaalt het dat aan het btw-tarief van 6 % vanaf 01.03.2026 zijn onderworpen: 'Meststoffen met uitzondering van degene die gemengd zijn met fytofarmaceutische producten'.
Er wordt opgemerkt dat bestrijdingsmiddelen niet bedoeld in voornoemde rubriek III reeds onderworpen waren aan het normaal btw-tarief van 21 % (zie bv. Info 28.05.04/1 inzake biociden (zijnde bestrijdingsmiddelen voor niet-agrarische doeleinden, zoals ontsmettingsmiddelen, rattengif in huizen of houtbeschermers)).
Dat is ook het geval voor de levering van larven van lieveheersbeestjes of andere insectenetende insecten die bestemd zijn voor de bestrijding van parasieten op fruitbomen (zie de schriftelijke parlementaire vraag nr. 920 van 20.09.2005 van mevrouw de volksvertegenwoordiger Dominique Tilmans).
Het normaal btw-tarief van 21 % is van toepassing op de levering, de intracommunautaire verwerving en de invoer in België van de producten bedoeld in voormeld randnummer 2 waarvoor de belasting opeisbaar wordt vanaf 01.03.2026.
De regels inzake opeisbaarheid van btw worden omstandig uitgelegd middels circulaire 2019/C/65 van 09.07.2019 inzake de opeisbaarheid van btw (nr. E.T.128.969/3).
Interne ref.: 142.814