• FR
  • NL
  • EN

Drie belangrijke dossiers die op de agenda stonden van de laatste Europese Raad

Tijdens de EU-top hebben de leiders overeenstemming bereikt over concrete maatregelen en deadlines om het concurrentievermogen van de EU te versterken.

De Europese Raad heeft op 19 maart 2026 conclusies aangenomen over Oekraïne, het Midden-Oosten, concurrentievermogen en de eengemaakte markt, Europese defensie en veiligheid, migratie, multilateralisme en diverse andere onderwerpen.

In het licht van de huidige actualiteit verdienen drie thema’s bijzondere aandacht. Daarom bieden wij u de volledige versie van het rapport die aan deze specifiek luik betrekking hebben.

Agenda "Eén Europa, één markt" (concurrentievermorgen en de eengemaakte mark)

In de huidige mondiale context vereist de doelstelling van de Europese Unie om “een sociale markteconomie met een groot concurrentievermogen” tot stand te brengen, een hernieuwde vastberadenheid om het concurrentievermogen van de Unie te stimuleren, haar veerkracht te vergroten en haar strategische en economische veiligheid te bevorderen, en aldus Europa’s welvaart en sociaal model te behouden.

De Europese Raad heeft daarom besloten dat er een agenda “één Europa, één markt”moet komen, die waar mogelijk in 2026 en uiterlijk eind 2027 moet zijn uitgevoerd.

De Europese Raad roept het Europees Parlement, de Raad en de Commissie op deze agenda met spoed uit te voeren, onder meer in het licht van de recente brief van de voorzitter van de Commissie, en zal de vorderingen met alle onderdelen ervan regelmatig evalueren, en zo nodig aanvullende strategische richtsnoeren verstrekken.

De Europese Raad onderstreept dat de verdere verdieping en integratie van deeengemaakte markt, wat alle vier de vrijheden ervan betreft, en de vereenvoudiging ervan voor mensen en bedrijven, de gedeelde en dringende verantwoordelijkheid is vanalle lidstaten en EU-instellingen. Ondernemingen moeten ongeacht hun omvang de vrijheid hebben om naadloos op de hele eengemaakte markt actief te kunnen zijn, en om te kunnen opschalen om hun volledige potentieel te verwezenlijken. Een “één markt”-benadering, met geharmoniseerde EU-brede regels die 27 reeksen nationale regels vervangen, leidt op zich tot vereenvoudiging, net als de goed functionerende toepassing van het beginsel van wederzijdse erkenning. Deze benadering zal de integriteit van deeengemaakte markt versterken en tegelijkertijd zorgen voor een gelijk speelveld, zowel intern als wereldwijd, en de connectiviteit en levensstandaard van burgers verbeteren.

Om die reden roept de Europese Raad de lidstaten en de EU-instellingen ertoe opbelemmeringen voor de vier vrijheden, met name de in de strategie voor de eengemaakte markt van de Commissie van mei 2025 genoemde belemmeringen, te voorkomen en weg te nemen, zodat tussen nu en uiterlijk maart 2027 concrete en tastbare vooruitgang wordt geboekt.

De Europese Raad vraagt met name dat er met hoge prioriteit werk wordt gemaakt vande volgende maatregelen:

  • a) een 28e vennootschapsrechtelijk regime, om Europese ondernemingen, met name innovatieve ondernemingen, kleine en middelgrote ondernemingen en start-ups, te helpen op de hele eengemaakte markt actief te zijn en op te schalen, op een eenvoudige basis waarbij digitaal de norm is. Over deze optionele geharmoniseerde regeling voor ondernemingen moeten de beide wetgevers uiterlijk eind 2026 overeenstemming bereiken, op basis van een voorstel van deCommissie van 18 maart 2026;
  • b) een eenvoudig, uniform en vrijwillig systeem voor de elektronische verklaring van grensoverschrijdende dienstverlening, om de administratieve lasten te verminderen bij de tijdelijke detachering van werknemers naar andere lidstaten ende rechten van deze werknemers te waarborgen, waarover de beide wetgevers uiterlijk in juni 2026 overeenstemming moeten bereiken;
  • c) de bevordering van het vrije verkeer van werknemers door de wederzijdseerkenning van beroepskwalificaties te verbeteren en de overdraagbaarheid van kwalificaties en vaardigheden over de nationale grenzen heen te versterken, ondermeer door middel van digitalisering en interoperabiliteit, op basis van een voorstel dat de Commissie uiterlijk in het najaar van 2026 moet indienen;
  • d) de toepassing van het eenmaligheidsbeginsel, onder meer door middel van eenEuropese portemonnee voor ondernemingen, waarbij bestaande oplossing en worden benut en het doel is zakelijke interacties te digitaliseren en de administratieve procedures in de hele EU te vereenvoudigen, waarover de beide wetgevers vóór eind 2026 overeenstemming moeten bereiken;
  • e) verbetering van de consumentenbescherming en de handhaving van EU-normen door het versterken van de waarborgen voor het in de handel brengen van producten, in het bijzonder voor het toezicht op niet-conforme producten uit derde landen, op basis van een voorstel van de Commissie dat uiterlijk eind 2026 moetworden ingediend;
  • f) het vrije verkeer van goederen vergemakkelijken door de versnipperdeetiketterings- en verpakkingsvoorschriften voor producten aan te pakken, ondermeer middels digitale oplossingen, op basis van een voorstel van de Commissie dat uiterlijk eind 2026 moet worden ingediend. Dit moet ook de negatieve gevolgen aanpakken van territoriale beperkingen op leveringen die de eengemaakte markt versnipperen.

De Europese Raad roept de lidstaten en de Commissie op om in de hele Unie devoorwaarden te verbeteren zodat bedrijven de schaal kunnen bereiken die nodig is om op mondiaal niveau te investeren, te innoveren en te concurreren. Dit omvat de lopende herziening van de fusie richtsnoeren, die daadwerkelijke mededinging moeten blijven waarborgen.

De Europese Raad roept de Commissie ertoe op te zorgen voor een tijdige en robuuste handhaving van de regels voor de eengemaakte markt, zodat de integriteit van die markt behouden blijft

Vereenvoudigen en de administratieve lasten verminderen - KMO

De Europese Raad roept de Commissie, de beide wetgevers en de lidstaten ertoe op om op ambitieuze wijze voort te gaan met het vereenvoudigen van regels en verminderen van de administratieve lasten op EU-, nationaal en regionaal niveau om te zorgen vooreen regelgevingskader dat gunstig is voor zowel innovatie als kleine en middelgrote ondernemingen, onder meer door de toepassing van het “denk eerst klein”-beginsel en zonder de voorspelbaarheid, de beleidsdoelstellingen van de EU, de hoge normen of de integriteit van de eengemaakte markt te ondermijnen.

In dit verband verzoekt de Europese Raad:

  • a) de beide wetgevers met aandrang om het momentum vast te houden om de uit de bestaande wetgeving voortvloeiende lasten te vereenvoudigen en te verminderen, met name door vóór eind 2026 overeenstemming te bereiken over alle omnibuspakketten die nog in behandeling zijn, met inbegrip van een ambitieuzeAI-omnibus uiterlijk in juli 2026;
  • b) de Commissie om verdere omnibus- en andere vereenvoudigings initiatieven voor te stellen, onder meer voor het verder versnellen en stroomlijnen van de plannings- en vergunningsprocedures;
  • c) De Commissie om een grondige regelgevings herziening van het EU-acquis uit te voeren teneinde achterhaalde bepalingen, overlappingen, inconsistenties en redundanties weg te werken, hetgeen het intrekken van wetgevingsvoorstellen kan omvatten;
  • d) de Commissie om:
    • i) ervoor te zorgen dat nieuwe EU-initiatieven in overeenstemming zijn met de beginselen “eenvoud door ontwerp” en beter wet geven, vergezeld gaan van hoogwaardige effectbeoordelingen, bijdragen aan de doelstellingen van de Unie op het gebied van concurrentievermogen, waaronder de betere werking van de eengemaakte markt, en dat ze de kosten en lasten inzake regelgeving, administratie en naleving reduceren en lasten voorkomen;
    • II) de voorkeur te geven aan verordeningen boven richtlijnen;
    • iii) het gebruik van gedelegeerde en uitvoeringshandelingen te beperken, die gericht moeten zijn op technische aspecten;
  • e) het Europees Parlement en de Raad om gedurende de gehele wetgevings procedurete vermijden extra administratieve lasten in EU-rechtshandelingen in te voeren;
  • f) de lidstaten om bij de omzetting en implementatie van EU-regels overreguleringen onevenredige nationale vereisten te voorkomen.

De Europese Raad is ingenomen met de toezegging van de voorzitter van de Europese Commissie om jaarlijks aan de Europese Raad verslag uit te brengen over devorderingen op het gebied van vereenvoudiging.

Betaalbare energieprijzen en energie-unie 2030

Uit de recente prijspieken van ingevoerde fossiele brandstoffen blijkt dat de energietransitie de meest doeltreffende strategie blijft om de strategische autonomie vanEuropa te verwezenlijken, de weerbaarheid te versterken, de energieprijzen structureel te verlagen en de schone en overvloedige energie van eigen bodem te leveren die nodig is als motor voor de economie van de toekomst. De uitrol en integratie van hernieuwbare en koolstofarme energiebronnen en energieopslag versnellen is essentieel om minder afhankelijk te worden van volatiele fossiele brandstofmarkten en de voorzieningszekerheid te vergroten.

Tegelijkertijd zijn er op korte termijn gerichte oplossingen nodig om betaalbare energie te waarborgen, rekening houdend met technologie neutraliteit en de specifieke situatievan de lidstaten, met de bijzondere blootstelling van bepaalde industrietakken aan het risico van verplaatsing, en met de noodzaak om de omstandigheden voor energie intensieve innovatieve sectoren te verbeteren, zonder de voorspelbaarheid en het gelijkspeelveld te ondermijnen.

Aangezien het conflict in het Midden-Oosten onmiddellijke gevolgen heeft voor deenergieprijzen voor Europese burgers en ondernemingen, onderstreept de EuropeseRaad de noodzaak van een gecoördineerde respons.

Met dat doel verzoekt de Europese Raad:

  • a) de Commissie om onverwijld een toolbox te presenteren van gerichte tijdelijke maatregelen tegen de recente prijspieken van ingevoerde fossiele brandstoffen als gevolg van de crisis in het Midden-Oosten;
  • b) de Commissie om, in het licht van de recente brief van haar voorzitter, onder meer met betrekking tot het voornemen om de marktstabiliteits reserve te vergroten, dringend gerichte maatregelen – met betrekking tot alle componenten van de elektriciteitsprijzen – te presenteren voor concrete acties om op korte termijn de elektriciteitsprijzen te verlagen en de buitensporige volatiliteit aan te pakken, ook voor energie-intensieve sectoren, rekening houdend met de verschillende situaties in de lidstaten. In deze context wordt de Commissie ook verzocht nauw samen te werken met de lidstaten om tijdelijke en gerichte nationale maatregelen uit tewerken ter inperking van ernstige gevolgen van brandstoffen en daarmee samenhangende kostencomponenten voor de kosten van het opwekken van elektriciteit, alsook van de gevolgen van alle andere kostencomponenten die in debrief worden genoemd, en tegelijkertijd de signalen voorlangetermijn-investeringen te handhaven voor de productie van hernieuwbare en koolstofarme energie en een gelijk speelveld op de interne markt te waarborgen;
  • c) de Commissie uiterlijk in juli 2026 een herziening van het emissiehandelssysteem(ETS) te presenteren, om de volatiliteit van de koolstofprijs te verminderen en het effect ervan op de elektriciteitsprijzen, met inbegrip van de daarmee samenhangende kosten voor de toeleveringsketen, en op de verlegging van activiteiten te beperken, zonder afbreuk te doen aan de essentiële rol van het ETSin de klimaat- en energietransitie middels een markt gebaseerd prijssignaal voor koolstofemissies dat investeringen en innovatie stimuleert;
  • d) de beide wetgevers om in 2026 overeenstemming te bereiken over een ambitieus pakket Europese netten om snel de nodige infrastructuur te bouwen, de bescherming en de weerbaarheid ervan te waarborgen, en de interconnecties, op nationaal en trans-Europees niveau, te verbeteren, onder meer door de vergunningsprocedures te stroomlijnen en te versnellen, en aldus bij te dragen aaneen geïntegreerde en robuustere energiemarkt, en tegelijkertijd een flexibele aanpak te bepalen voor nationale congestieontvangsten uit interne biedzones, waarbij rekening wordt gehouden met nationale omstandigheden;
  • e) de lidstaten en de Commissie om de uitvoering van de agenda voor de energie unie 2030 te versnellen, teneinde verdere en betaalbare elektrificatie snel mogelijk te maken.De Europese Raad zal in juni 2026 op de bovenstaande punten terugkomen om de vooruitgang te evalueren.

De Europese Raad zal in juni 2026 op de bovenstaande punten terugkomen om de vooruitgang te evalueren !

Mots clés

Articles recommandés

Fiscaliteit
Praktijk
F.F.F.

Bent u btw-belastingplichtige? Dien dan uw klantenlisting 2025 in voor 31 maart 2026

Gepubliceerd op 24 Mar 2026 bij 05:00
Lezen 2min
Fiscaliteit
Actualiteit
F.F.F.

Aangifte binnenlandse bijheffing: stand van zaken

Gepubliceerd op 24 Mar 2026 bij 05:00
Lezen 2min