• FR
  • NL
  • EN

Uitbreiding flexi-jobs vanaf 1 er juli 2026: aandachtspunten

Vanaf 1 juli 2026 wordt het systeem van de flexi-jobs uitgebreid naar de gehele private en publieke sector, rekening houdend met de regels voor de toegang tot beschermde beroepen (wetsontwerp op 18 juni 2026 goedgekeurd door de Kamer).

Formaliteiten

Reeds in de loop van juni 2026 kan een Dimona FLX worden ingediend ter voorbereiding van de tewerkstelling van flexi-jobwerknemers vanaf 1 juli 2026 overeenkomstig de nieuwe regelgeving.

Uitzonderingen

Zorgfuncties zijn niet langer uitgesloten voor flexi-jobwerknemers die beschikken over de vereiste diploma's en kwalificaties voor het uitoefenen van de betrokken zorgfunctie.

Blijven echter uitgesloten:

> Tewerkstellingen zoals omschreven in de wet van 3 mei 2024 (sekswerk)

> Artistieke, artistiek-technische en artistiek-ondersteunende functies

De mogelijkheid wordt behouden voor de sectoren om een gehele of gedeeltelijke uitsluiting te vragen en nadien opnieuw een gehele of gedeeltelijke toelating. Voor de private sector blijven de bestaande modaliteiten ongewijzigd. Voor de publieke sector wordt daarentegen een specifieke regeling ingevoerd.

Uitgesloten sectoren en functies vanaf 1 juli 2026

  • Dienstboden (PC 323 - werkgeverscategorie 037)
  • Begrafenisondernemers (PC 320 - werkgeverscategorie 320), met uitzondering van de arbeiders die activiteiten zoals die van een gelegenheidswerknemer uitoefenen (en die met de notie ‘E’ worden aangegeven in de zone ‘Extra’ in ‘Tewerkstelling – Inlichtingen’).
  • PC 144 (landbouw - werkgeverscategorieën 193 en 293)
  • PC 145 (tuinbouw), met uitzondering van aanleg en/of onderhoud van parken en tuinen. Concreet zijn de werkgeverscategorieën 194, 494 en 594 uitgesloten.
  • PC 143 (zeevisserij), met uitzondering van het walpersoneel onder werkgeverscategorie 019 en het personeel van de pakhuizen onder werkgeverscategorie 086. De tewerkstelling van flexi-arbeiders is niet mogelijk in de werkgeverscategorie 186 (visveilingen).

Wijzigingen

  • De begrenzing van 150 % is voortaan niet meer van toepassing op het volledige flexi-loon, maar enkel op het basisloon dat deel uitmaakt van het flexi-loon. Vergoedingen, premies en voordelen toegekend bij wettelijke of reglementaire bepalingen of collectieve arbeidsovereenkomsten zijn uitgesloten van de beperking van het flexiloon tot 150 procent van het minimale basisloon. Overloon, premies voor nachtarbeid of arbeid op feestdagen, eindejaarspremie en dergelijke kunnen dus toegekend worden zonder aan voormelde beperking onderworpen te zijn.
  • Voor de horecasector wordt een afzonderlijk maximum ingevoerd: het flexi-uurloon mag er niet meer dan 21,00 EUR bedragen (22,61 EUR inclusief flexi-vakantiegeld). Dit bedrag wordt niet langer uitgedrukt als een percentage van het minimum flexi-uurloon, maar als een vast bedrag dat op dezelfde wijze wordt geïndexeerd als het minimum flexi-uurloon. Het minimum-flexiloon (11,87 EUR per uur vanaf 1 maart 2026, 12,78 EUR inclusief flexi-vakantiegeld) blijft behouden.
  • Flexi-jobwerknemers mogen vanaf 1 juli 2026 tewerkgesteld worden bij een verbonden onderneming als deze werknemers reeds bij één of meer andere al dan niet verbonden ondernemingen voltijds tewerkgesteld zijn. De uitsluiting in kwartaal T om als flexi-jobber te werken bij de werkgever waarmee reeds een arbeidsrelatie bestond, blijft behouden.
  • De voorwaarde dat men niet bij dezelfde werkgever als gewone werknemer én als flexi-jobber mag werken, is niet van toepassing op uitzendkrachten voor zover het uitzendkantoor hen niet aan dezelfde gebruiker ter beschikking stelt als uitzendkracht en als flexi-jobwerknemer.
  • Een werknemer die op pensioen gaat in kwartaal T, kan als 'gepensioneerd' flexi-jobber tewerkgesteld worden in kwartaal T.
    • Let wel, een werknemer die gepensioneerd wordt in kwartaal T kan niet als flexi-jobwerknemer tewerkgesteld worden bij dezelfde werkgever in kwartaal T. In kwartaal T+1 is dit wel toegestaan.
  • Voortaan is het mogelijk het arbeidsvolume aan flexi-tewerkstellingen te beperken tot een maximumpercentage van het totale arbeidsvolume, en dit voor de volledige publieke en private gezondheidssector, met inbegrip van de kinderopvang.

Mots clés

Articles recommandés

HRM, jobs & training
De expert aan het woord
F.F.F.

HR-weetjes – juni 2026

Fiscaliteit
Praktijk
F.F.F.

Onmiddellijke inningen: verhoging van de bedragen op 1 juli 2026

Gepubliceerd op 29 Jun 2026 bij 04:00
Lezen 2min