
De Dienst Coördinatie Anti-Fraude (CAF) publiceerde op 13/03/2026 de Circulaire 2026/C/39 over de meldingen van inbreuken op het Unie- of nationale recht met betrekking tot fiscale fraude vastgesteld binnen een juridische entiteit in de private sector.
Administratieve richtlijnen voor de regulering van klokkenluiders die van toepassing zijn op personen werkzaam in de private sector.
Inhoudstafel
3. Welke soort fiscale fraude kan een klokkenluider melden bij de FOD Financiën?
4. Hoe een melding van fiscale fraude indienen?
5. Registratie en verwerking van de melding?
6. Confidentialiteit en bescherming van de identiteit van de klokkenluider
7. Kan een klokkenluider het resultaat van het onderzoek opvolgen?
8. Onder welke voorwaarden kan men als klokkenluider beschermd worden?
9. Beschermingsmaatregelen, ondersteuning en verhaal voor de klokkenluider
Richtlijn (EU) 2019/1937 van 23 oktober 2019 inzake de bescherming van personen die inbreuken op het Unierecht melden (PB L 305 26.11.2019).
Wet van 28 november 2022 betreffende de bescherming van melders van inbreuken op het Unie- of nationale recht vastgesteld binnen een juridische entiteit in de private sector (1) (BS 15.12.2022)
Koninklijk besluit van 22 januari 2023 tot aanduiding van de bevoegde autoriteiten voor de uitvoering van de wet van 28 november 2022 betreffende de bescherming van melders van inbreuken op het Unie- of nationale recht vastgesteld binnen een juridische entiteit in de private sector (BS 31.01.2023, Ed. 1)
In 2019, heeft de Europese Unie besloten dat er een geharmoniseerde wetgeving nodig was in de lidstaten om klokkenluiders beter te begeleiden en te beschermen. De Europese richtlijn (EU) 2019/1937 betreffende de bescherming van klokkenluiders werd eind 2022 door België omgezet.
Overeenkomstig artikel 2 van de wet van 28 november 2022 en artikel 1 van het Koninklijk Besluit van 22 januari 2023, werden de FOD Financiën en de dienst Coördinatie Anti-Fraude (CAF) aangesteld als bevoegde autoriteiten voor meldingen van fiscale fraude die binnen een juridische entiteit in de private sector worden vastgesteld.
De personen die voor een private organisatie werken of met een dergelijke organisatie in contact staan in het kader van hun werkgerelateerde activiteiten, zijn vaak als eerste op de hoogte van dreigingen of schade voor het algemeen belang die zich in die context voordoen.
Door het melden van inbreuken die schadelijk zijn voor het algemeen belang, handelen dergelijke personen als “klokkenluiders”, en spelen zij daarbij een sleutelrol bij het onthullen en voorkomen van dergelijke inbreuken, en bij het beschermen van het maatschappelijk welzijn. Potentiële klokkenluiders moeten vertrouwen hebben in de procedure en er zeker van zijn dat ze geen negatieve gevolgen zullen ondervinden als ze fraude of misbruik melden.
Volgens de klokkenluiderswet kan elke persoon werkzaam in de private sector melding maken van fiscale inbreuken binnen een juridische entiteit in de private sector, wanneer die informatie werd verkregen in een werkgerelateerde context.
Het begrip “persoon werkzaam in de private sector” is erg ruim, en omvat tenminste:
Een klokkenluider kan fiscale fraude rechtstreeks aan de FOD Financiën melden in alle domeinen waarvoor de FOD Financiën bevoegd is.
Zo is de FOD Financiën onder meer bevoegd voor inkomstenbelastingen (natuurlijk persoon of vennootschap), BTW, maar ook voor accijnzen, douanerechten, de effectentaks, de taks op beursverrichtingen, alsook voor bepaalde belastingmateries die aan de deelstaten zijn toegewezen, maar in de praktijk nog niet volledig door hen worden uitgeoefend, zoals successierechten, registratierechten, de belasting op automatische ontspanningstoestellen of de belasting op spelen en weddenschappen.
De melding moet betrekking hebben op feiten van fiscale fraude die het algemeen belang schaden.
Meldingen die dus niet onder de wet op klokkenluiders vallen, zijn:
- Een melding die uitsluitend gemaakt wordt uit persoonlijk belang of om een individueel geschil op te lossen, en die dus geen bedreiging of schending van het algemeen belang vormt;
- Een melding met betrekking tot feiten van intimidatie of geweld op de werkvloer.
Als een melding naast fiscale fraude ook andere vormen van fraude bevat die onder het toepassingsgebied van de klokkenluidersregeling vallen, zal de melding vertrouwelijk worden overgemaakt aan de federale coördinator van externe meldingen, namelijk de federale Ombudsman, en zo nodig naar de andere bevoegde autoriteiten zoals gedefinieerd in het KB van 22 januari 2023. Op die manier worden alle fraude-aspecten van de melding onderzocht.
De klokkenluidersregeling strekt zich uit tot de onderstaande domeinen:
a) overheidsopdrachten;
b) bfinanciële diensten, producten en markten, voorkoming van witwassen van geld en terrorismefinanciering;
c) productveiligheid en productconformiteit;
d) veiligheid van het vervoer;
e) bescherming van het milieu;
f) stralingsbescherming en nucleaire veiligheid;
g) veiligheid van levensmiddelen en diervoeders, diergezondheid en dierenwelzijn;
h) volksgezondheid;
i) consumentenbescherming;
j) bescherming van de persoonlijke levenssfeer en persoonsgegevens, en beveiliging van netwerk- en informatiesystemen;
k) bestrijding van belastingfraude;
l) sociale fraudebestrijding.
Tevens worden geviseerd:
Als bevoegde autoriteit heeft de FOD Financiën een uniek contactpunt opgericht voor meldingen van fiscale fraude dat dient als extern meldpunt voor klokkenluiders in overeenstemming met de wet van 28 november 2022.
Elke klokkenluider die melding wenst te maken van fiscale fraude vallende onder de bevoegdheden van de FOD Financiën, moet hiervoor het beveiligde meldingsformulier gebruiken dat toegankelijk is via de volgende link: https://eservices.minfin.fgov.be/webForm/public/fraude/fraude.jsf
Elke melding van fiscale fraude die via het beveiligd formulier wordt ingediend, kan anoniem gebeuren en wordt door de FOD Financiën in uiterste vertrouwelijkheid behandeld.
Indien de klokkenluider geen gebruik maakt van dit externe meldpunt, dat door de FOD Financiën is opgezet, is het mogelijk om het interne meldkanaal te gebruiken dat door de werkgever is georganiseerd. De procedures hiervoor worden binnen elke betrokken onderneming bepaald.
In alle gevallen kan een klokkenluider eveneens een melding indienen bij de federale Ombudsman. Meer informatie hierover vindt u op hun website.
Indien de melding van fiscale fraude correct is ingediend via het beveiligd formulier van de FOD Financiën (https://eservices.minfin.fgov.be/webForm/public/fraude/fraude.jsf), zal de dienst Coördinatie Anti-Fraude (CAF) de ontvangst binnen zeven dagen bevestigen met een bericht waarin een referentienummer wordt vermeld.
Dit referentienummer is uniek voor het meldingsdossier en zal worden gebruikt bij verdere opvolging van het dossier of om aanvullende informatie te verstrekken.
Er zal geen ontvangstbevestiging worden verstuurd wanneer er redelijke gronden zijn om aan te nemen dat de bescherming van de identiteit van de klokkenluider in gevaar zou kunnen komen. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer een e-mailadres van de eigen werkgever wordt opgegeven om fraude te melden die de werkgever zelf betreft.
De verstrekte informatie in het kader van de melding zal worden onderzocht en, indien de feiten dit rechtvaardigen, kunnen er grondige fiscale onderzoeken worden uitgevoerd .
Indien tijdens de analyse van de melding blijkt dat de FOD Financiën niet de bevoegde autoriteit is voor de behandeling ervan, zal de klokkenluider hiervan op de hoogte worden gesteld en zal de melding worden doorgestuurd naar de federale Ombudsman.
De FOD Financiën verzamelt en verwerkt persoonsgegevens om haar wettelijke opdrachten te kunnen uitoefenen, in overeenstemming met de wet van 28 november 2022, de algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en de wet van 3 augustus 2012 houdende bepalingen inzake de verwerking van persoonsgegevens door de Federale Overheidsdienst Financiën in het kader van zijn opdrachten.
Bovendien zijn ambtenaren die optreden bij de toepassing van belastingwetten verplicht tot de meest volstrekte geheimhouding aangaande alle zaken waarvan hij wegens de uitvoering van zijn opdracht kennis heeft gekregen (zie de artikelen 337 WIB 92, 93bis Btw-Wetboek, 146bis van het Wetboek der successierechten, 236bis van het Wetboek der registratierechten, 212 van het Wetboek diverse rechten en taksen, 320 van de Algemene Wet inzake douane en accijnzen).
Artikel 20 van de wet van 28 november 2022 legt ten slotte een geheimhoudingsplicht op die van toepassing is op de behandeling van een melding. De identiteit van de klokkenluider en alle informatie die direct of indirect zijn identificatie mogelijk zou kunnen maken, worden enkel verwerkt door gemachtigde en bevoegde ambtenaren van de FOD Financiën die belast zijn met de behandeling van meldingen.
Tenzij de klokkenluider hiermee instemt, wijst de FOD Financiën elk verzoek om inzage, uitleg of mededeling, in welke vorm dan ook, van een administratief document dat direct of indirect de identiteit van de klokkenluider onthult, af.
De identiteit van de klokkenluider mag uitsluitend worden bekendgemaakt indien het gaat om een noodzakelijke en evenredige verplichting opgelegd door EU- of nationale wetgeving in het kader van onderzoeken door nationale autoriteiten of gerechtelijke procedures (bijvoorbeeld met het oog op de bescherming van de rechten van de verdediging van de betrokkene in een gerechtelijk onderzoek). In een dergelijk geval wordt de klokkenluider, voordat zijn identiteit wordt bekendgemaakt, daarvan in kennis gesteld, tenzij die informatie de gerelateerde onderzoeken of de gerechtelijke procedures in gevaar zou brengen.
De dienst CAF zal, indien van toepassing, de klokkenluider feedback geven over de behandeling van de melding van fiscale fraude waarvoor een ontvangstbevestiging is verzonden.
Met inachtneming van de toepasselijke regels inzake vertrouwelijkheid en beroepsgeheim in fiscale onderzoeken, heeft een klokkenluider het recht om te vragen naar de status van de verwerking van zijn/haar melding.
In deze context is het antwoord van de FOD Financiën beperkt tot de status van de melding (“niet behandeld”, “in behandeling” of “afgesloten”).
Om te genieten van de bescherming die de wet van 28 november 2022 biedt (zie artikel 8), moet de klokkenluider aan de volgende voorwaarden voldoen:
De klokkenluider die vrijwillig onjuiste of oneerlijke informatie verstrekt, geniet geen bescherming.
De wet op klokkenluiders staat anonieme meldingen toe, dat wil zeggen meldingen waarbij niemand, ook de ontvanger van de melding niet, op de hoogte is van de identiteit van de persoon die de melding doet.
In dat geval kan de klokkenluider niet actief beschermd worden. Hij wordt ook niet geïnformeerd over de registratie van zijn melding. Echter, als de klokkenluider later identificeerbaar wordt, kan hij zijn recht op bescherming inroepen.
De facilitators, maar ook de collega's of naasten van de klokkenluider die het risico lopen het doelwit te worden van represailles in een professionele context, kunnen eveneens profiteren van de bescherming die de wet biedt. Dit geldt ook voor de juridische entiteiten waartoe de klokkenluider behoort of waarvoor hij werkt.
Een facilitator wordt beschouwd als elke natuurlijke persoon die een klokkenluider helpt tijdens het meldingsproces en wiens hulp vertrouwelijk zou moeten zijn.
De klokkenluider die een melding doet overeenkomstig de voorwaarden van de wet van 28 november 2022 geniet, naast de bescherming van zijn identiteit, ook andere beschermingsmaatregelen.
Vergeldingsmaatregelen (met inbegrip van bedreigingen en pogingen tot represailles) tegen een klokkenluider worden bij wet verboden. Een werkgever kan dus naar aanleiding van een melding geen maatregelen nemen die nadelig zijn voor de beschermde personen, zoals ontslag, een disciplinaire maatregel, een negatieve evaluatie, weigeren van een bevordering, een overplaatsing, etc.
Elke klokkenluider die meent slachtoffer te zijn van of bedreigd wordt met represailles naar aanleiding van zijn melding, kan een gemotiveerde klacht indienen bij de federale Ombudsman, die een buitengerechtelijke beschermingsprocedure opstart, of een beroep instellen bij de arbeidsrechtbank.
Bovendien zal de klokkenluider op geen enkele wijze aansprakelijk worden gesteld voor zijn melding, op voorwaarde dat hij redelijke gronden had om te geloven dat het melden van dergelijke informatie noodzakelijk was om een schending van de wet aan het licht te brengen.
De vrijstelling van aansprakelijkheid is breed en omvat in het bijzonder :
Deze vrijstelling van aansprakelijkheid geldt echter niet in bepaalde gevallen (artikelen 5 en 27 van de wet van 28 november 2022), namelijk wanneer de melding:
De klokkenluider geniet niet van immuniteit of belastingvrijstelling als blijkt dat hij zelf fiscale fraude heeft gepleegd.
Meer informatie over de bescherming van klokkenluiders is beschikbaar op de website van de federale Ombudsman.
Daarnaast, kan een klokkenluider gebruik maken van de ondersteuning van het Federaal Instituut voor de Rechten van de Mens (FIRM), dat verschillende vormen van begeleiding aanbiedt:
Elke klokkenluider die steun, informatie of juridisch advies wenst over de beschermings- en begeleidingsmaatregelen voor klokkenluiders, kan zich op elk moment en in alle vertrouwelijkheid wenden tot het FIRM.
Contactgegevens FOD Financiën :
Extern meldpunt voor fiscale fraude : https://eservices.minfin.fgov.be/webForm/public/fraude/fraude.jsf
Contactpagina van de FOD Financiën : Contact FOD Financiën |Hulp voor particulieren
Contactgegevens federale Ombudsman:
Federale Ombudsman – Centrum Integriteit
Leuvenseweg 48, bus 6,
1000 Brussel
E-mail voor klokkenluiders: integrite@mediateurfederal.be
Contactgegevens FIRM:
Federaal Instituut voor de Rechten van de Mens
Leuvenseweg 48
1000 Brussel
E-mail voor klokkenluiders: kl-la@firm-ifdh.be
Tel. voor klokkenluiders: 0479/88.57.40
Richtlijn (EU) 2019/1937 van 23 oktober 2019 inzake de bescherming van personen die inbreuken op het Unierecht melden (PB.L 305 26.11.2019).
Wet van 28 november 2022 betreffende de bescherming van melders van inbreuken op het Unie- of nationale recht vastgesteld binnen een juridische entiteit in de private sector (1) (BS 15.12.2022)
Koninklijk besluit van 22 januari 2023 tot aanduiding van de bevoegde autoriteiten voor de uitvoering van de wet van 28 november 2022 betreffende de bescherming van melders van inbreuken op het Unie- of nationale recht vastgesteld binnen een juridische entiteit in de private sector (BS 31.01.2023, Ed.1)
Artikel 1. In het kader van hun respectieve opdrachten zijn de in artikel 14 van de wet van 28 november 2022 betreffende de bescherming van melders van inbreuken op het Unie- of nationale recht vastgesteld binnen een juridische entiteit in de private sector, bedoelde bevoegde autoriteiten de volgende:
1° de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie;
2° de Federale Overheidsdienst Financiën;
3° de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de voedselketen en Leefmilieu;
4° de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer;
5° de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg;
6° de Programmatie Overheidsdienst Maatschappelijke Integratie, Armoedebestrijding, Sociale Economie en Grootstedenbeleid
7° het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle;
8° het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten;
9° het Federaal Agentschap voor de veiligheid van de voedselketen;
10° de Belgische Mededingingsautoriteit;
11° de Gegevensbeschermingsautoriteit;
12° de Autoriteit voor Financiële diensten en Markten;
13° de Nationale Bank van België;
14° het College van toezicht op de bedrijfsrevisoren;
15° de autoriteiten gemeld in artikel 85 van de wet van 18 september 2017 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten;
16° het Nationaal Comité voor de beveiliging van de levering en distributie van drinkwater;
17° het Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie;
18° het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering;
19° het Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen;
20° de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening;
21° de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid;
22° de Sociale Inlichtingen en Opsporingsdienst;
23° de Autonome dienst Coördinatie Anti-Fraude (CAF);
24° de Scheepvaartcontrole.
Art. 2. Dit besluit treedt in werking op 15 februari 2023.
Art. 3. De minister bevoegd voor economie, de minister bevoegd voor financiën, de minister bevoegd voor volksgezondheid, de minister bevoegd voor mobiliteit, de minister bevoegd voor Noordzee, de minister bevoegd voor werk, de minister bevoegd voor sociale zekerheid, de minister bevoegd voor telecommunicatie, de minister bevoegd voor energie, de minister bevoegd voor leefmilieu, de minister bevoegd voor privacy, en de minister bevoegd voor consumentenbescherming zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.