
Werknemers die gewoonlijk tewerkgesteld zijn in een arbeidsregeling met prestaties tussen 20 uur en 6 uur hebben, behoudens in een aantal uitzonderingsgevallen, recht op een bijzondere financiële vergoeding voor nachtarbeid.
Deze financiële uurvergoeding wordt vastgelegd in de cao nr. 49.
Vanaf 1 januari 2026 bedraagt de vergoeding € 1,51 per uur. Voor werknemers van 50 jaar en ouder geldt een verhoogde vergoeding van € 1,82 per uur.
Opgelet: het bevoegde paritair comité of de onderneming kan voorzien in een hogere vergoeding dan het wettelijk vastgelegde minimumbedrag.
Oudere werknemers kunnen vragen om definitief over te stappen van nachtarbeid naar een dagregeling. Dit geldt zowel voor werknemers van minstens 50 jaar die tenminste 20 jaar in een nachtregeling werken en omwille van medische redenen erkend door de arbeidsgeneesheer niet meer in staat zijn nachtarbeid uit te voeren als voor werknemers van 55 jaar en ouder die tenminste 20 jaar nachtprestaties hebben geleverd.
Wanneer de werkgever geen dagregeling kan aanbieden en de arbeidsovereenkomst wordt beëindigd, dan heeft betrokkene gedurende 5 jaar recht op een maandelijkse aanvullende vergoeding ten laste van de werkgever.
De Nationale Arbeidsraad kan elk jaar op 1 januari het bedrag herzien op basis van de conventionele evolutie van de lonen. Vanaf 2026 zal een herwaarderingscoëfficiënt van 1,0028 toegepast worden op de aanvullende vergoeding. Hierdoor wordt het bedrag van de maandelijkse aanvullende vergoeding vanaf 1 januari 2026 vastgesteld op € 191,80 per maand.
Bron: Cao nr. 46/28 van 16 december 2025 tot uitvoering van cao nr. 46 van 23 maart 1990 betreffende de begeleidingsmaatregelen voor ploegenarbeid met nachtprestaties alsook voor andere vormen van arbeid met nachtprestaties. Nationale Arbeidsraad, www.cnt-nar.be.