Raad neemt EU-wetgeving aan inzake toereikende minimumlonen

De Raad van de EU geeft definitief groen licht aan een richtlijn over de toereikendheid van wettelijke minimum­lonen en draagt zo bij tot fatsoenlijke arbeids- en leefomstandigheden voor werknemers in Europa.

In een tijd waarin mensen elk dubbeltje moeten omdraaien vanwege de energiecrisis, is dit hoopvol nieuws. Minimumlonen en collectieve loonvorming zijn krachtige instrumenten om ervoor te zorgen dat alle werknemers een loon verdienen waarmee een fatsoenlijke levensstandaard binnen handbereik ligt.

Marian Jurečka, vicepremier en minister van Arbeid en Sociale Zaken van Tsjechië (© foto van de Tsjechische regering)​

De richtlijn bevat procedures voor de toereikendheid van wettelijke minimumlonen, bevordert collectieve onderhandelingen over loonvorming en verbetert de daadwerkelijke toegang tot bescherming door minimumlonen voor werknemers die hier volgens nationale wetgeving recht op hebben.

  • Toereikendheid van wettelijke minimumlonen: lidstaten met wettelijke minimumlonen wordt verzocht een procedureel kader in te stellen om deze minimumlonen aan de hand van duidelijke criteria vast te stellen en aan te passen. Het wettelijk minimumloon wordt ten minste om de 2 jaar aangepast (of, voor landen die gebruikmaken van een automatisch indexerings­mechanisme, ten minste om de 4 jaar). De richtlijn schrijft de lidstaten echter geen specifieke ondergrens voor het minimumloon voor.
  • Bevordering van collectieve onderhandelingen over loonvorming: een van de doelstellingen van de richtlijn is om ervoor te zorgen dat er voor meer werknemers collectieve onderhandelingen over loonvorming komen. Om dat doel te bereiken moeten landen ervoor zorgen dat sociale partners beter in staat zijn om collectieve onderhandelingen aan te gaan. Wanneer de dekkingsgraad van collectieve onderhandelingen bijvoorbeeld lager is dan 80%, moeten de lidstaten een actieplan opstellen om dat percentage te verhogen. Het actieplan moet een duidelijk tijdschema en specifieke maatregelen bevatten om de dekkingsgraad te verhogen.
  • Daadwerkelijke toegang tot bescherming door minimumlonen: in de richtlijn staat dat de lidstaten maatregelen moeten nemen om de toegang van werknemers tot bescherming door wettelijke minimumlonen te verbeteren. Het kan gaan om controles door arbeidsinspecties, gemakkelijk toegankelijke informatie over de bescherming door minimumlonen en het versterken van de capaciteit van handhavings­autoriteiten om maatregelen te nemen tegen werkgevers die zich niet aan de regels houden.

Achtergrond en volgende stappen

De Europese Commissie diende haar voorstel op 28 oktober 2020 in bij de Raad en het Europees Parlement. De Raad bepaalde zijn standpunt op 6 december 2021; het Parlement keurde zijn onderhandelingsmandaat op 25 november 2021 goed. Na 8 onderhandelingsronden bereikten de onderhandelaars van de Raad en het Europees Parlement op 7 juni overeenstemming over een gemeenschappelijk standpunt.

De richtlijn treedt in werking op de twintigste dag na de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie. De lidstaten hebben vervolgens 2 jaar de tijd om de richtlijn om te zetten in nationaal recht.

Mots clés

Articles recommandés

Recordhoogte: Een op vijf uit door ziekte in dienstenchequesector

Voor een nettonulindustrie : focus op de Europese nu definitieve goedgekeurd verordening

Koopkracht voor werknemers en arbeidskrapte belangrijkste verkiezingsthema’s voor Belgische bedrijven