Verkeersboetes: betalingsbevel getuigt van rechtsmisbruik!

Sinds 1 januari 2012 verschijnt het begrip ‘betalingsbevel’ in de wegverkeerswet. Doelstelling hiervan was de rechtbanken te ontlasten. Het procesverloop voor de betaling van verkeersboetes blijft evolueren, gaande van een programmawet tot het crossborder-project. Haal in 2020 uw portefeuille alvast boven, want de strafvorderingen gaan altijd gepaard met de betaling van een geldsom, de procedure voor het betwisten van een boete zal een uitzondering worden en de kost voor een vrijspraak wordt zeer hoog.
Hierna alle elementen van het rechtsmisbruik op een rijtje.

Van boete tot politierechtbank
Het is een publiek geheim dat de Belgische rechtbanken met een achterstand kampen. De belangrijkste oorzaak hiervan is dat de medewerkers niet evolueren met de noden van justitie en een wereld die steeds strenger gereguleerd wordt en een ongelooflijk zwak informatica-systeem... Als gevolg hiervan werd de verwerking van de verkeersboetes hervormd.

Over het algemeen wordt een verkeersboete binnen de 30 dagen opgesteld door de politiediensten (met behulp van de applicatie MaCH, Bpost en de website verkeersboetes.be) volgens de procedure van ‘onmiddellijke inning’. De brief met het proces-verbaal en het bedrag van de verkeersboete, bepaald op basis van de graad van overtreding (er zijn 4 graden, boetes gaande van 58 tot 473 EUR), wordt rechtstreeks verstuurd naar de overtreder, die de verkeersboete binnen de 15 dagen moet betalen. Voor overtredingen van de 4e graad, bestaat voor Belgische rijksinwoners geen mogelijkheid voor onmiddellijke inning. Door de verkeersboete te betalen, worden de feiten erkend en vervalt de mogelijkheid tot strafvordering. De feiten kunnen worden betwist door middel van het antwoordformulier. Indien de verkeersboete niet of slechts gedeeltelijk wordt betaald, zal Bpost een herinneringsbrief versturen (via MaCH).

Indien er geen reactie komt op de herinneringsbrief, zal het parket het dossier overnemen. De Procureur des Konings kan een mogelijke schikking opstellen. Deze procedure verloopt volledig geautomatiseerd. De minnelijke schikking wordt voorgesteld via een geautomatiseerd systeem in naam van het parket, het bedrag wordt verhoogd in functie van de graad van de overtreding.
Indien u in het verleden nog niet had gereageerd, kon u worden opgeroepen voor de rechtbank en veroordeeld worden tot een correcte sanctie, aangezien deze werd uitgesproken door een politierechter, na analyse van de specifieke casus. Door de achterstand verjaarde de strafvordering echter vaak, waardoor er geen gevolg aan werd gegeven.

Achterstand leidt tot uitzonderlijke tussenkomst van de rechtbank
Het verschijnen voor de rechtbank verschuift nu naar een derde niveau... U ontvangt een betalingsbevel, waarbij de boete wordt verhoogd met 35 % en er ook een verplichte bijdrage is voor het Fonds tot hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden. Na ontvangst van dit bevel, beschikt u over 30 dagen om hiertegen in beroep te gaan of de betaling uit te voeren. Indien uw beroep ontvankelijk wordt verklaard, vervalt het betalingsbevel.

Als er geen beroep wordt aangetekend, maar de verkeersboete ook niet wordt betaald, wordt het betalingsbevel omgezet tot fiscale schuld. De ontvanger zal dit bedrag opeisen, door het bijvoorbeeld in te houden op de belastingen. Hieraan zijn extra kosten verbonden voor de gerechtsdeurwaarder. De wet maakt het ook mogelijk om uw wagen in beslag te nemen en tot slot kan de Procureur des Konings de bestuurder (binnen de drie jaar) ook een rijverbod geven gaande van 8 tot 30 dagen.
Voor verkeersovertredingen is de verjaringstermijn sinds maart 2018 verdubbeld, wat betekent dat de rechtbank nu over 4 jaar tijd beschikt alvorens het recht op vervolging vervalt.

Overdaad schaadt, misbruik loert om de hoek
Natuurlijk lijdt het geen twijfel dat kwade trouw bestraft moet worden en dat nalatige bestuurders moeten worden vervolgd met moderne en efficiënte middelen. Wat ik hier echter aan de kaak wil stellen, is niet het strenge optreden, wel de evolutie naar een vorm van inbeslagneming.

Als een eenvoudige boete voor een overtreding van de tweede graad door twee administratieve procedures en zonder enige menselijke tussenkomst kan evolueren van 116 euro naar meer dan 400 euro, en de burger hiertegen enkel via het gerecht in beroep kan gaan, waarbij de kost sowieso hoger ligt dan 400 euro, spreken we niet meer over een sanctie maar over een inbeslagneming.
De essentie van het legaliteitsbeginsel op fiscaal vlak vertrekt vanuit de wens om erop toe te zien dat privé-eigendom gevrijwaard wordt van overheidsinmenging, en dat elke belasting het resultaat is van een democratische wens (via stemming) en een uitzonderingsstelsel (geen heffing zonder wet).

Als de wet het mogelijk maakt dat door een automatische procedure de meest kwetsbare belastingplichtige, die vaak ook de minst ‘rijke’ belastingplichtige is, 1/3 of zelfs ¼ van zijn loon moet afstaan door ‘gebruik te maken van een draagbare telefoon die hij in de hand houdt tijdens het rijden’, gaat het er niet om de overtreder te straffen, maar wel om een deel van zijn eigendom in beslag te nemen, wat noodzakelijkerwijs een vorm van rechtsmisbruik is als we kijken naar het evenredigheidsbeginsel.
Als conclusie een overzicht van de statistieken met betrekking tot de verkeersboetes in 2018 (5 miljoen) tegenover 2017 (4,1 miljoen) en de monsterbedragen die hieruit voortvloeien ten voordele van de staat. Hieruit blijkt hoezeer de budgettaire motivatie van onze verkozenen de voornaamste drijfveer is, en hoezeer de elementaire rechts- en sociale beginselen van de kaart worden geveegd onder het mom van verkeersveiligheid.


Emmanuel Degrève, december 2019.


      Tags

      • betalingsbevel
      • politierechtbank
      • strafvorderingen
      • verkeersboetes