
De Algemene Administratie van de Fiscaliteit – Personenbelasting publiceerde op 16/02/2026 de Circulaire 2026/C/30 over de verhoging van de werkgeversbijdrage in een maaltijdcheque.
Commentaar op de art. 111 tot 113 van de wet van 18.12.2025 houdende diverse bepalingen (BS 30.12.2025 – Numac: 2025009647).
Inhoudstafel
I. Inleiding
II. Wat verandert er op fiscaal vlak?
III. Inwerkingtreding
IV. Gecoördineerde tekst van het WIB 92
1. Het maximumbedrag van de tussenkomst van de werkgever in een maaltijdcheque werd verhoogd door de wet van 18.12.2025 houdende diverse bepalingen om de koopkracht van de werknemers te verhogen (1).
(1) Wet van 18.12.2025 houdende diverse bepalingen (hierna W 18.12.2025).
2. In het art. 38/1, § 2, eerste lid, 5°, WIB 92, ingevoegd bij de wet van 22.12.2009 en gewijzigd bij de wet van 06.12.2015, stijgt het maximumbedrag van de tussenkomst van de werkgever in een elektronische maaltijdcheque van 6,91 euro naar 8,91 euro (2).
(2) Art. 111, W 18.12.2025.
3. Dit bedrag van 8,91 euro vormt het nieuwe bedrag van de tussenkomst van de werkgever dat niet mag worden overschreden opdat deze tussenkomst bij de begunstigde kan worden vrijgesteld.
4. Het art. 53, 14°, WIB 92, vervangen bij de wet van 22.12.2009 en gewijzigd bij de wet van 06.12.2015, wordt gewijzigd.
Het bedrag van de tussenkomst van de werkgever dat aftrekbaar is als beroepskost, stijgt van 2 euro naar 4 euro wanneer de tussenkomst van de werkgever het nieuwe maximumbedrag, zoals bedoeld in art. 38/1, § 2, eerste lid, 5°, WIB 92, bereikt.
Als de tussenkomst van de werkgever daarentegen lager is dan het voormelde maximumbedrag, blijft de fiscaal aftrekbare kost maximum 2 euro per maaltijdcheque (3).
(3) Art. 112, W 18.12.2025.
5. De art. 111 en 112, W 18.12.2025 treden in werking op 31.12.2025 en zijn van toepassing op de elektronische maaltijdcheques die worden toegekend vanaf 01.01.2026 (4).
(4) Art. 113, W 18.12.2025.
6. De wijzigingen zijn in het vet weergegeven.
Art. 38/1, WIB 92
…
§ 2. Opdat de tussenkomst van de werkgever of de onderneming in de elektronische maaltijdcheques als een voordeel als bedoeld in artikel 38, § 1, eerste lid, 25°, kan worden beschouwd, moeten de elektronische maaltijdcheques terzelfder tijd aan alle volgende voorwaarden voldoen:
1° de toekenning van de elektronische maaltijdcheque moet vervat zijn in een collectieve arbeidsovereenkomst op sectorieel vlak of op ondernemingsvlak, of, wanneer het afsluiten van een collectieve overeenkomst niet mogelijk is, in een geschreven individuele overeenkomst met dien verstande dat in een onderneming met werknemers voor bedrijfsleiders dezelfde regeling moet gelden als voor werknemers;
2° het aantal toegekende elektronische maaltijdcheques moet gelijk zijn aan het aantal werkelijke arbeidsdagen van de werknemer of bedrijfsleider;
3° de elektronische maaltijdcheque wordt op naam van de werknemer of bedrijfsleider afgeleverd;
4° de elektronische maaltijdcheque vermeldt duidelijk dat zijn geldigheidsduur beperkt is tot twaalf maanden en dat hij slechts mag worden gebruikt ter betaling van een eetmaal of voor de aankoop van verbruiksklare voeding;
5° de tussenkomst van de werkgever of de onderneming in het bedrag van de elektronische maaltijdcheque mag ten hoogste 8,91 euro per elektronische maaltijdcheque bedragen;
6° de tussenkomst van de werknemer of de bedrijfsleider bedraagt ten minste 1,09 euro.
Art. 53, WIB 92
Als beroepskosten worden niet aangemerkt:
…
14° in artikel 38, § 1, eerste lid, 11° en 25°, bedoelde voordelen met uitzondering van de in voorkomend geval tot 2 euro per elektronische maaltijdcheque beperkte tussenkomst van de werkgever of de onderneming in de elektronische maaltijdcheques wanneer die tussenkomst voldoet aan de in artikel 38/1 gestelde voorwaarden, verhoogd tot 4 euro wanneer die tussenkomst het bedrag bedoeld in artikel 38/1, § 2, eerste lid, 5°, bereikt.
Interne ref.: 747.934