Nietigverklaring van artikel 19, §1 van het KB UBO

De Orde van Vlaamse Balies heeft een beroep tot nietigverklaring ingesteld tegen artikel 19, §1er van het Koninklijk Besluit van 30 juli 2018 betreffende de werkingsmodaliteiten van het UBO-register. De Raad van State vernietigde dit artikel bij arrest nr. 247.922 van 26 juni 2020.

In het kort

De wet van 18 september 2017 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten (hierna de “Wet”) voorziet in het invoeren van een register van uiteindelijke begunstigden in België (in het Engels ‘UBO’ genoemd, dat staat voor ‘Ultimate Beneficial Owner’; hierna het “UBO-register”).
De Wet zet de Europese Richtlijn 2015/849 tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld en de financiering van terrorisme (de “4de Richtlijn AML”) om, op grond waarvan de lidstaten verplicht zijn om wettelijke en bestuursrechtelijke maatregelen te nemen opdat:
  1. binnen hun grondgebied opgerichte vennootschappen en andere juridische entiteiten toereikende, accurate en actuele informatie over hun uiteindelijke begunstigden inwinnen en bijhouden, waaronder detailgegevens over de door de uiteindelijke begunstigden gehouden economische belangen;
  2. er een centraal register met informatie over de uiteindelijke begunstigden van die entiteiten zou zijn om de toegang tot die informatie te vereenvoudigen.
De Wet voorziet aldus in de verplichting (1) voor vennootschappen, (internationale) vzw’s en stichtingen om toereikende, accurate en actuele informatie over hun uiteindelijke begunstigden in te winnen en bij te houden en (2) voor bestuurders om binnen de maand gegevens over de uiteindelijke begunstigden elektronisch naar het UBO-register te sturen.

De verbinding met de online applicatie gebeurt uitsluitend via het onlineportaal MyMinFin, tabblad "Toepassingen", of door hier te klikken en de link "UBO-register" te volgen.

U kunt alleen verbinding maken met de online applicatie door middel van uw elektronische identiteitskaart of een andere veilige, door de FOD BOSA goedgekeurde authenticatiemethode (bijv. token, Itsme, mobileapp).


Welke verplichting ?

Dit artikel verplichtte alle onderworpen entiteiten om de Administratie van de Thesaurie via elektronische weg op de hoogte te brengen van eventuele verschillen tussen de informatie in het register en de informatie waarvan zij kennis hebben.

Het luidt als volgt :

“Art. 19. §1. Elke onderworpen entiteit meldt elk verschil dat zij zou vaststellen tussen de in het register opgenomen informatie en deze waarvan zij kennis heeft via elektronische weg aan de Administratie van de Thesaurie.

Deze meldingsplicht is van toepassing op de bevoegde autoriteiten voor zover ze de vervulling van hun wettelijke opdrachten niet tegenwerkt.
§2. De Administratie van de Thesaurie doet het nodige om de informatie uit het register te bevestigen, te verbeteren of te verduidelijken. Ze kan inzonderheid de redenen van die melding bedoeld in paragraaf 1 aan de betrokken informatieplichtige meedelen die de informatie uit het register verbetert, bevestigt of verduidelijkt, binnen de maand na de ontvangst van die kennisgeving. De naam van de onderworpen entiteit of bevoegde autoriteit die deze melding deed, mag in geen geval aan de betrokken informatie- plichtige worden doorgegeven.

De Administratie van de Thesaurie vermeldt in het register dat een kennisgeving werd ingediend zonder het voorwerp ervan of de entiteit die aan de oorsprong ervan ligt te bepalen. Die vermelding wordt ingetrokken van zodra de informatie in het register werd bevestigd, verbeterd of verduidelijkt overeenkomstig het vorige lid.”

In het verslag aan de Koning bij artikel 19 kan erover worden gelezen dat dit artikel tot doel heeft “toezichthoudende autoriteiten en onderworpen entiteiten toe te laten de Administratie van de Thesaurie in kennis te stellen van elke situatie waarin er een incoherentie of fout zou zitten in de informatie van het register. Een dergelijke mogelijkheid moet een betere kwaliteit van de gegevens in het Register kunnen waarborgen. In geval van een dergelijke kennisgeving zal de Administratie van de Thesaurie de meegedeelde elementen analyseren en desgevallend de informatieplichtige de opdracht geven de informatie te corrigeren of te verduidelijken.”

Beslissing

De Raad van State vernietigt artikel 19, § 1, van het koninklijk besluit van 30 juli 2018 ‘betreffende de werkingsmodaliteiten van het UBO-register’.


Bron : Raad van State, arrest nr. 247.922 van 26 juni 2020 in de zaak A. 226.435/XIV-37.847







    Tags

    • UBO register
    • werkingsmodaliteiten