
Sinds 2024 kunnen werknemers wettelijke vakantiedagen overdragen naar de twee kalenderjaren nadien, wanneer ze hun vakantie door bepaalde omstandigheden zoals ziekte, een arbeidsongeval of moederschapsrust niet konden opnemen in het jaar waarin dat moest. 1,6% van de werknemers droeg zo niet-opgenomen vakantiedagen uit 2024 over naar 2025 en 2026. Maar heel wat werknemers stellen uit om die overgedragen dagen op te nemen, blijkt uit een analyse van hr-expert Acerta op basis van de gegevens van 546.000 werknemers in dienst bij zo’n 35.901 bedrijven. Slechts 15% van de werknemers heeft al zijn overgedragen vakantie al opgenomen. In totaal blijkt nog zo’n 90% van de overgedragen vakantie niet opgenomen. Nochtans moet dat tegen eind dit jaar wel gebeurd zijn. “Ondernemingen kunnen de vakantiepuzzel met hun werknemers nu best al leggen voor de rest van het jaar om te vermijden dat grote groepen afwezig zullen zijn na de zomer”, aldus de experten van Acerta.
Marijke Beelen, expert vakantiedagen Acerta: “De vakantie die werknemers in 2024 niet konden opnemen, o.a. omwille van moederschapsrust, adoptieverlof of arbeidsongeschiktheid, hebben werkgevers al in december 2024 uitbetaald. De betrokken werknemers moeten volgens de wetgeving die overgedragen vakantie verplicht opnemen voor eind 2026. Ze krijgen die dagen niet meer betaald, omdat die uitbetaling dus al eerder gebeurd is. Zowel werknemers als werkgevers staan er mogelijks niet bij stil dat dit een complexe vakantiepuzzel kan opleveren. We raden bedrijven daarom nu al aan om werk te maken van een duidelijke vakantieplanning in overleg met hun verschillende teams en individuele werknemers om grote golven van afwezigheden in het najaar te vermijden.”
Wat erg opvalt, is dat overdracht van vakantiedagen vooral bij grotere organisaties voorkomt. Meer zelfs: hoe groter de onderneming, hoe meer overgedragen vakantie. Corporate bedrijven (met 500 of meer werknemers) vertegenwoordigen 55% van alle werknemers met overdracht en 44% van alle overgedragen vakantiedagen.
De socialprofitsector kent het meeste aantal werknemers met overdracht van vakantie. Een verklaring daarvoor ligt in het feit dat de zorgsector het hoogste percentage langdurige afwezigheden (bv. ziekte of moederschapsrust) kent, die recht geven om vakantiedagen over te dragen. De laagste overdracht zien we dan weer bij de horeca. De horeca, logistiek en de groot- en kleinhandel zijn ook de sectoren waarin werknemers al het minste aantal overgedragen vakantiedagen opnamen.

Figuur 1: percentages werknemers met overdracht uit 2024 per sector en totaal – eigen cijfers Acerta

Figuur 2: percentage nog niet opgenomen vakantiedagen uit 2024 per sector en totaal – eigen cijfers Acerta
Het valt trouwens op dat vooral vrouwen (78% van alle werknemers met overdracht) vakantiedagen overdragen. Dat is natuurlijk zo omdat moederschapsrust een van de meest voorkomende redenen is om vakantiedagen over te kunnen dragen.
Over de cijfers
Dit onderzoek is gebaseerd op de werkelijke gegevens van zo’n 546.000 werknemers in dienst bij 35.901 bedrijven. De steekproef weerspiegelt de Belgische privé-arbeidsmarkt voor statuut, geslacht, leeftijd, werkregime, regio en omvang van ondernemingen.