
De Algemene Administratie van de Fiscaliteit – Personenbelasting – Belasting van niet-inwoners/natuurlijke personen publiceerde op 07/01/2026 de Circulaire 2026/C/12 over de wijzigingen inzake de fiscale behandeling van onderhoudsuitkeringen.
Commentaar op de art. 34 t.e.m. 37 van de wet van 18.12.2025 houdende diverse bepalingen (BS 30.12.2025 – Numac: 2025009647).
Inhoudstafel
1. Regeling vóór de wijzigingen door de W 18.12.2025
B. Belasting van niet-inwoners (natuurlijke personen)
A. Verlaging fiscale aftrekbaarheid en belastbaarheid van onderhoudsuitkeringen
1. Deze circulaire bespreekt de wijzigingen die door de art. 34 t.e.m. 37 van de wet van 18.12.2025 houdende diverse bepalingen (1) werden aangebracht aan de fiscale behandeling van onderhoudsuitkeringen.
(1) Wet van 18.12.2025 houdende diverse bepalingen (BS 30.12.2025 – Numac: 2025009647) (hierna W 18.12.2025).
2. Het gaat meer bepaald over de volgende wijzigingen:
- de geleidelijke afbouw van de fiscale aftrekbaarheid en belastbaarheid van onderhoudsuitkeringen van 80 % naar 50 %
- de opheffing van de fiscale aftrekbaarheid en belastbaarheid van onderhoudsuitkeringen betaald of toegekend aan personen die geen inwoner zijn van een lidstaat van de Europese Economische Ruimte (EER) of van Zwitserland.
3. De fiscale aftrekbaarheid van onderhoudsuitkeringen wordt afgebouwd van 80 % naar:
- 70 % voor de onderhoudsuitkeringen die vanaf 01.01.2025 worden betaald of toegekend (voor zover het belastbare tijdperk eindigt na 30.12.2025)
- 60 % voor de onderhoudsuitkeringen die vanaf 01.01.2026 worden betaald of toegekend
- 50 % voor de onderhoudsuitkeringen die vanaf 01.01.2027 worden betaald of toegekend. (2)
(2) Art. 35, b), c) en d) en 37, tweede tot vierde lid, W 18.12.2025.
De belastbaarheid van de in art. 90, eerste lid, 3° en 4°, WIB 92 bedoelde onderhoudsuitkeringen wordt op dezelfde manier afgebouwd. (3)
(3) Art. 34 en 37, tweede tot vierde lid, W 18.12.2025.
4. Daarnaast worden de onderhoudsuitkeringen die worden betaald of toegekend aan een persoon die geen inwoner is van een lidstaat van de EER of van Zwitserland niet meer aftrekbaar. (4)
(4) Art. 35, a), W 18.12.2025.
Dergelijke onderhoudsuitkeringen worden ook niet meer belastbaar in de belasting van niet-inwoners (natuurlijke personen) (BNI/nat.pers.). (5)
(5) Art. 36, W 18.12.2025.
De onder dit randnummer vermelde wijzigingen treden in werking op 31.12.2025 en zijn van toepassing op de belastbare tijdperken die eindigen na die datum. (6)
(6) Art. 37, eerste lid, W 18.12.2025.
5. Betaalde onderhoudsuitkeringen zijn, wanneer aan alle voorwaarden van art. 104, WIB 92 is voldaan, voor 80 % aftrekbaar van het totale netto-inkomen van de onderhoudsplichtige.
Het gaat hierbij om de volgende onderhoudsuitkeringen die tijdens het belastbare tijdperk werkelijk zijn betaald:
- de onderhoudsuitkeringen die de belastingplichtige regelmatig heeft betaald aan personen die geen deel uitmaken van zijn gezin, wanneer ze zijn betaald ter uitvoering van een verplichting op grond van het Burgerlijk of het Gerechtelijk Wetboek of van een gelijkaardige wettelijke verplichting in een buitenlandse wetgeving, alsmede de kapitalen die zulke uitkeringen vervangen
- de uitkeringen of de aanvullende uitkeringen die de belastingplichtige verschuldigd is volgens de voorwaarden bepaald in het eerste streepje, doch die na het belastbare tijdperk waarop zij betrekking hebben betaald worden ter uitvoering van een gerechtelijke beslissing waarbij het bedrag ervan met terugwerkende kracht wordt vastgesteld of verhoogd.
6. Bij de onderhoudsgerechtigde zijn ontvangen onderhoudsuitkeringen, wanneer aan alle voorwaarden van art. 90, eerste lid, 3° of 4°, WIB 92 is voldaan, ten belope van 80 % belastbaar als diverse inkomsten.
Het gaat hierbij om de volgende onderhoudsuitkeringen:
- de onderhoudsuitkeringen die aan de belastingplichtige regelmatig zijn toegekend door personen van wiens gezin hij geen deel uitmaakt, wanneer ze worden toegekend ter uitvoering van een verplichting op grond van het Burgerlijk of Gerechtelijk Wetboek of van een gelijkaardige wettelijke verplichting in een buitenlandse wetgeving, alsmede de kapitalen die zulke uitkeringen vervangen
- de uitkeringen of aanvullende uitkeringen als vermeld onder het eerste streepje die, ter uitvoering van een gerechtelijke beslissing waarbij het bedrag ervan met terugwerkende kracht wordt vastgesteld of verhoogd, aan de belastingplichtige zijn betaald na het belastbare tijdperk waarop ze betrekking hebben.
7. Hebben in principe recht op de aftrek van betaalde onderhoudsuitkeringen in de BNI/nat.pers., de niet-rijksinwoners die:
- in België tijdens het belastbare tijdperk belastbare beroepsinkomsten hebben behaald of verkregen die tenminste 75 % bedragen van het geheel van hun in het belastbare tijdperk behaalde of verkregen Belgische en buitenlandse beroepsinkomsten samen (75 %-regel)
of
- op grond van een specifieke non-discriminatiebepaling uit een door België afgesloten dubbelbelastingverdrag aanspraak maken op de aftrek van onderhoudsuitkeringen, maar verminderd volgens de verhouding die in het van toepassing zijnde dubbelbelastingverdrag is bepaald
of
- aan alle hierna vermelde voorwaarden voldoen:
* de belastingplichtige is een inwoner van een lidstaat van de EER
* de woonstaat verleent in beginsel een belastingvoordeel voor de betrokken onderhoudsuitkeringen
* de belastingplichtige, en desgevallend de echtgenoot of wettelijk samenwonende partner van de belastingplichtige, kan (kunnen) het belastingvoordeel voor die onderhoudsuitkeringen niet effectief genieten in de woonstaat omwille van de geringe omvang van zijn (hun) in de woonstaat belastbare inkomsten
* het belastingvoordeel voor de onderhoudsuitkeringen in de woonstaat kan niet worden overgedragen naar een volgend belastbaar tijdperk
* de belastingplichtige behaalt in de BNI/nat.pers. (verplicht of optioneel) te regulariseren beroepsinkomsten
* de belastingplichtige behaalt niet het geheel of nagenoeg het geheel van zijn beroepsinkomsten in een andere lidstaat van de EER.
Bovendien moeten de eerste vier voorwaarden aangetoond worden aan de hand van een inkomensverklaring (7) van de belastingautoriteit van de woonstaat.
(7) De belastingplichtige dient de inkomensverklaring nr. 276 AL ter beschikking te houden van de belastingdienst.
Wanneer aan alle hiervoor vermelde voorwaarden is voldaan, heeft de belastingplichtige in principe recht op de aftrek van de in het belastbare tijdperk betaalde onderhoudsuitkeringen waarvoor geen fiscaal voordeel kan worden verleend in de woonstaat omwille van de geringe inkomsten.
De betaalde onderhoudsuitkeringen zijn voor 80 % aftrekbaar van het totale bedrag van de in art. 232, WIB 92 vermelde netto-inkomsten. De aftrek zal slechts worden verleend als aan alle andere wettelijke en reglementaire voorwaarden ter zake is voldaan. (8)
(8) Zoals vermeld in de artikelen 104 en 242, WIB 92.
8. Onderhoudsuitkeringen die worden ontvangen door niet-rijksinwoners zijn slechts belastbaar in de BNI/nat.pers. wanneer deze uitkeringen ten laste zijn van rijksinwoners. (9)
(9) Art. 228, § 2, 9°, c, WIB 92.
Als een dubbelbelastingverdrag van toepassing is, zijn de ontvangen onderhoudsuitkeringen slechts daadwerkelijk in België belastbaar in de mate dat voor de betrokken onderhoudsuitkeringen de heffingsbevoegdheid aan België toekomt.
9. Behoudens de door de wet en door internationale overeenkomsten bepaalde vrijstellingen is er bedrijfsvoorheffing aan de bron verschuldigd op de uitkeringen en kapitalen als vermeld in art. 90, eerste lid, 3° en 4°, WIB 92 die rijksinwoners betalen of toekennen aan niet-rijksinwoners. (10)
(10) Art. 271, WIB 92 en art. 87, 4°, KB/WIB 92.
De bedrijfsvoorheffing op de in art. 228, § 2, 9°, c, WIB 92 bedoelde onderhoudsuitkeringen is in hoofde van de verkrijger bevrijdend overeenkomstig art. 248, § 1, eerste lid, WIB 92. Dit betekent dat de bedrijfsvoorheffing de eindbelasting is. De verkrijger moet deze ontvangen onderhoudsuitkeringen niet meer in de aangifte BNI/nat.pers. vermelden.
10. Het art. 35, W 18.12.2025 bouwt de aftrekbaarheid van onderhoudsuitkeringen af van 80 % naar:
- 70 % voor de onderhoudsuitkeringen die vanaf 01.01.2025 worden betaald of toegekend (voor zover het belastbare tijdperk eindigt na 30.12.2025)
- 60 % voor de onderhoudsuitkeringen die vanaf 01.01.2026 worden betaald of toegekend
- 50 % voor de onderhoudsuitkeringen die vanaf 01.01.2027 worden betaald of toegekend. (11)
(11) Art. 104, WIB 92, zoals gewijzigd door art. 35, W 18.12.2025.
De belastbaarheid van de ontvangen onderhoudsuitkeringen wordt op dezelfde manier afgebouwd. (12)
(12) Art. 99, WIB 92, zoals gewijzigd door art. 34, W 18.12.2025.
11. De afbouw van de fiscale aftrekbaarheid en belastbaarheid van onderhoudsuitkeringen geldt voor alle in art. 90, eerste lid, 3° en 4°, WIB 92 bedoelde onderhoudsuitkeringen, dus ook voor onderhoudsuitkeringen die worden betaald in het kader van reeds bestaande verplichtingen tot onderhoud.
12. Voorbeeld
Een onderhoudsplichtige betaalt in 2025 een onderhoudsuitkering van 200 euro per maand aan een onderhoudsgerechtigde (totaal 2.400 euro). Beide belastingplichtigen zijn onderworpen aan de personenbelasting. Er is voldaan aan alle wettelijke voorwaarden inzake de aftrekbaarheid / belastbaarheid van de onderhoudsuitkering.
De onderhoudsplichtige vermeldt het werkelijk betaalde bedrag (2.400 euro) in zijn aangifte als aftrekbare besteding (code 1390/2390 van de voorbereiding van de aangifte in de personenbelasting).
Dit bedrag is voor 70 % aftrekbaar. De belastingdienst zal die beperking tot 70 % zelf toepassen bij de berekening van de personenbelasting.
De onderhoudsgerechtigde vermeldt het werkelijk ontvangen bedrag (2.400 euro) in zijn aangifte als ontvangen onderhoudsuitkering (code 1192/2192 van de voorbereiding van de aangifte in de personenbelasting).
Dit bedrag is voor 70 % belastbaar. De belastingdienst zal die beperking tot 70 % zelf toepassen bij de berekening van de personenbelasting.
13. Onderhoudsuitkeringen die worden betaald of toegekend aan een belastingplichtige die geen inwoner is van een lidstaat van de EER of van Zwitserland zijn niet meer aftrekbaar. (13)
(13) Art. 104, 1°, WIB 92, zoals gewijzigd door art. 35, a), W 18.12.2025.
Dergelijke onderhoudsuitkeringen zijn ook niet langer belastbaar in de BNI/nat.pers. (14) Het gaat dan om onderhoudsuitkeringen die een rijksinwoner betaalt aan een niet-inwoner die geen inwoner is van een lidstaat van de EER of van Zwitserland.
(14) Art. 228, § 2, 9°, WIB 92, zoals gewijzigd door art. 36, W 18.12.2025.
Deze wijzigingen treden in werking op 31.12.2025 en zijn van toepassing op de belastbare tijdperken die eindigen na die datum. Concreet zullen de onder dit randnummer vermelde wijzigingen van toepassing zijn op onderhoudsuitkeringen die vanaf 01.01.2026 worden betaald of toegekend.
14. Voorbeeld
Een onderhoudsplichtige die rijksinwoner is, betaalt sinds 2020 een onderhoudsuitkering aan zijn behoeftige moeder die geen inwoner is van een lidstaat van de EER of van Zwitserland. De heffingsbevoegdheid over de door de moeder verkregen onderhoudsuitkeringen is op basis van het van toepassing zijnde dubbelbelastingverdrag toegewezen aan België.
In 2026 betaalt hij een totale onderhoudsuitkering van 1.200 euro aan zijn moeder.
Hij mag deze in 2026 betaalde onderhoudsuitkering (1.200 euro) niet meer vermelden als aftrekbare besteding in zijn aangifte in de personenbelasting (aanslagjaar 2027).
Die onderhoudsuitkering is in hoofde van zijn moeder ook niet meer belastbaar in de BNI/nat.pers.
15. Onderhoudsuitkeringen betaald of toegekend door een rijksinwoner aan een niet-inwoner die inwoner is van een lidstaat van de EER of van Zwitserland, blijven aftrekbaar (in de personenbelasting) en belastbaar (in de BNI/nat.pers.) voor zover uiteraard aan alle geldende voorwaarden is voldaan.
16. Een schematisch overzicht van de aftrekbaarheid en belastbaarheid van onderhoudsuitkeringen in de aangifte in de personenbelasting en de aangifte in de belasting van niet-inwoners (natuurlijke personen) bevindt zich in de volgende bijlagen:
- bijlage 1: voor het aanslagjaar 2026
- bijlage 2: vanaf het aanslagjaar 2027.
17. De fiscale aftrekbaarheid en belastbaarheid van onderhoudsuitkeringen wordt afgebouwd naar:
- 70 % voor de onderhoudsuitkeringen die vanaf 01.01.2025 worden betaald of toegekend (voor zover het belastbare tijdperk eindigt na 30.12.2025)
- 60 % voor de onderhoudsuitkeringen die vanaf 01.01.2026 worden betaald of toegekend
- 50 % voor de onderhoudsuitkeringen die vanaf 01.01.2027 worden betaald of toegekend.
18. Onderhoudsuitkeringen die worden betaald of toegekend aan een persoon die geen inwoner is van een lidstaat van de EER of van Zwitserland, zullen niet meer aftrekbaar zijn en evenmin belastbaar in de BNI/nat.pers.
Deze maatregelen treden in werking op 31.12.2025 en zijn van toepassing op de belastbare tijdperken die eindigen na die datum.
19. Art. 34 t.e.m. 37 van de wet van 18.12.2025 houdende diverse bepalingen (BS 30.12.2025 – Numac: 2025009647).
20. Gecoördineerde versie van het WIB 92
De wijzigingen zijn aangeduid in het vet.
Art. 99, WIB 92
De in artikel 90, eerste lid, 3° en 4°, vermelde uitkeringen of kapitalen worden in aanmerking genomen tot 70 / 60 / 50 % (15) van het aan de verkrijger betaalde of toegekende bedrag.
(15) 70 % voor de onderhoudsuitkeringen die vanaf 01.01.2025 worden betaald of toegekend (voor zover het belastbare tijdperk eindigt na 30.12.2025); 60 % voor de onderhoudsuitkeringen die vanaf 01.01.2026 worden betaald of toegekend; 50 % voor de onderhoudsuitkeringen die vanaf 01.01.2027 worden betaald of toegekend.
Art. 104, WIB 92
De volgende bestedingen worden van het totale netto-inkomen afgetrokken, in zover zij in het belastbare tijdperk werkelijk zijn betaald:
1° 70 / 60 / 50 % (16) van de onderhoudsuitkeringen die de belastingplichtige regelmatig heeft betaald aan inwoners van een lidstaat van de Europese Economische Ruimte of Zwitserland (17) die niet deel uitmaken van zijn gezin, wanneer ze zijn betaald ter uitvoering van een verplichting op grond van het Burgerlijk of het Gerechtelijk Wetboek of van een gelijkaardige wettelijke verplichting in een buitenlandse wetgeving, alsmede 80 % van de kapitalen die zulke uitkeringen vervangen.
2° 70 / 60 / 50 % (16) van de uitkeringen of de aanvullende uitkeringen die de belastingplichtige verschuldigd is volgens de voorwaarden bepaald in 1°, doch die na het belastbare tijdperk waarop zij betrekking hebben betaald worden ter uitvoering van een gerechtelijke beslissing waarbij het bedrag ervan met terugwerkende kracht wordt vastgesteld of verhoogd. Evenwel zijn de uitkeringen betaald voor de kinderen voor welke voor een vorig aanslagjaar artikel 132bis werd toegepast, niet aftrekbaar.
(16) 70 % voor de onderhoudsuitkeringen die vanaf 01.01.2025 worden betaald of toegekend (voor zover het belastbare tijdperk eindigt na 30.12.2025); 60 % voor de onderhoudsuitkeringen die vanaf 01.01.2026 worden betaald of toegekend; 50 % voor de onderhoudsuitkeringen die vanaf 01.01.2027 worden betaald of toegekend.
(17) Van toepassing op de belastbare tijdperken die eindigen na 31.12.2025.
Art. 228, § 2, 9°, c), WIB 92
§ 1. De belasting wordt geheven van in België behaalde of verkregen inkomsten die aan de belasting zijn onderworpen.
§ 2. In de in § 1 bedoelde inkomsten zijn begrepen:
…
9° diverse inkomsten als vermeld in artikel 90, eerste lid, 1° tot 12°, in geval het betreft:
…
c) onderhoudsuitkeringen ten laste van rijksinwoners wanneer de verkrijger inwoner is van een lidstaat van de Europese Economische Ruimte of Zwitserland (18);
…
(18) Van toepassing op de belastbare tijdperken die eindigen na 31.12.2025.
Interne ref.: 747.156